
Bwindi Impenetrable National Park
Bergregenwoud in het zuidwesten met ongeveer de helft van alle berggorilla's ter wereld. Vier sectoren, elk met eigen gorillafamilies en een eigen aanrijroute.
Lees verderHet derde hoogste massief van Afrika, met gletsjers vlak bij de evenaar en een plantengroei die nergens anders zo voorkomt. Tochten van drie tot negen dagen.
| Kenmerk | Gegeven |
|---|---|
| Regio | Westen, grens met Congo |
| Oppervlakte | 996 km² |
| Hoogte | 1670 tot 5109 meter |
| Opgericht | 1991, werelderfgoed sinds 1994 |
| Bekend om | Margherita Peak, gletsjers op de evenaar, reuzenplanten |
| Toegangspoorten | Nyakalengija en Kilembe, bij Kasese |
Het Rwenzorigebergte vormt de grens tussen Oeganda en Congo over een lengte van ruim honderd kilometer. Met Margherita Peak op 5109 meter is het na de Kilimanjaro en Mount Kenya het hoogste massief van Afrika, en het enige van de drie dat geen vulkaan is: de Rwenzori's zijn opgeheven aardkorst langs de breuklijn van de Albertine Rift.
De Griekse geograaf Ptolemaeus schreef in de tweede eeuw over besneeuwde bergen in het hart van Afrika die de Nijl zouden voeden, de Maanbergen. Pas in 1888 bevestigde Henry Morton Stanley het bestaan van het massief. De gletsjers die hij beschreef, zijn sindsdien met meer dan tachtig procent gekrompen.
De klim voert door vijf duidelijk gescheiden zones. Onderaan staat montaan regenwoud, daarboven bamboe, dan een gordel van boomheide met mos en korstmossen. Boven de 3500 meter begint de afro-alpiene zone met reuzenlobelia's en reuzenkruiskruid die tot vijf meter hoog worden. Boven de 4500 meter blijft rots, sneeuw en ijs over.

Er zijn twee hoofdroutes. De Central Circuit vertrekt uit Nyakalengija en is de klassieke lus van zeven tot acht dagen. De Kilembe-route in het zuiden is nieuwer, minder druk en geldt als landschappelijk gevarieerder; die tocht duurt zeven tot negen dagen tot de top.
Wie geen topambitie heeft, kan kiezen voor kortere tochten van drie tot vier dagen tot bijvoorbeeld Lake Mahoma of het Weismann-uitkijkpunt. Die geven de vegetatiezones en het uitzicht, zonder ijsklimmen.
De laatste etappe naar Margherita Peak vraagt gebruik van touw, stijgijzers en ijsbijl. Gidsen leveren de uitrusting, maar ervaring met gletsjerlopen is een voordeel. Vertrek is meestal rond twee uur 's nachts, om terug te zijn voor het weer omslaat.
De Rwenzori's zijn nat. Er valt meer dan tweeduizend millimeter neerslag per jaar en de paden lopen door veenmoerassen waar men tot de knieën wegzakt. Waterdichte kleding, rubberlaarzen en reservekleding zijn geen luxe. Alle tochten gaan met verplichte gidsen en dragers.
Juni tot half augustus en december tot februari zijn de drogere vensters. Volledig droog wordt het nooit: op elke hoogte kan de dag met regen eindigen.
Zeven tot negen dagen heen en terug, afhankelijk van de route en het acclimatisatieschema.
Ja. Dagwandelingen vanuit Kilembe of Nyakalengija voeren tot in het bos en de bamboegordel. Voor de reuzenplanten is minimaal een driedaagse tocht nodig.
Ja, maar sterk gekrompen. De resterende ijskappen liggen op Stanley, Speke en Baker en verdwijnen naar verwachting binnen enkele decennia.

Bergregenwoud in het zuidwesten met ongeveer de helft van alle berggorilla's ter wereld. Vier sectoren, elk met eigen gorillafamilies en een eigen aanrijroute.
Lees verder
Het kleinste nationale park van Oeganda, tegen drie vulkanen aan de grens met Rwanda en Congo. Gouden apen, één gorillafamilie en dagtochten naar de kraterranden.
Lees verder
Het meest bezochte savannepark van Oeganda, met een boottocht over het Kazinga-kanaal, kratermeren in het noorden en boomklimmende leeuwen in het zuiden.
Lees verder